Cursus B

 

‘De brief van Paulus aan de Romeinen’

 

 

In deze cursus wordt de brief van Paulus aan de Romeinen besproken. De brief die, volgens prof. dr. Maarten den Dulk, voorop gezet is in de canon, die Luther en Barth geholpen heeft met hun doorbraak en die tegenwoordig weer door filosofen als Badiou in het zonnetje wordt gezet.

 

 

20 oktober 2014 (aanvangstijd: 19.30 uur!)  ‘Aan allen die in Rome zijn’

 

Drs. Alex van Heusden, bijbelwetenschapper en studiesecretaris van de Stichting Leerhuis en
Liturgie in Amsterdam

 

De langste, bewaard gebleven brief van Sja’oel/Paulus is die aan deRomeinen. En in tegenstelling tot zijn andere brieven is die niet geadresseerd aan de ekklesia van Rome, maar ‘aan allen die in Rome zijn’. Dan rijst de vraag: tot wie richt Paulus zich in deze brief? Toch enkel tot de mensen van de ekklesia, volgelingen van Jezus, Joden én gojiem? Of ook tot anderen? Wie zijn die anderen en waarom worden ook zij aangesproken? En wat zijn de consequenties voor ons verstaan van de Romeinenbrief? Om één antwoord te geven: de Romeinenbrief is geen theologisch tractaat zonder context, maar een schrijven dat ingaat op de zeer gespannen situatie in Rome tussen Joden onderling, binnen en buiten de ekklesia, en tussen Joden en gojiem in de ekklesia.

 

 

17 november 2014  ‘Paulus in zijn Hellenistisch-Romeinse context’

 

Drs. Martin Heikoop studeerde geschiedenis en theologie en is predikant van de
Hervormde gemeente te Rijswijk (N.Br.)

 

Sinds het onderzoek van o.a. Sanders en Dunn is er meer aandacht gekomen voor de Hellenistisch-Romeinse achtergrond van Paulus.De Hellenistische achtergrond wordt nu minder gezien als een achtergrond naast de Joodse achtergrond, maar er is meer oog voor gekomen hoezeer in het Jodendom in de eerste eeuw Grieks-Hellenistische en Joodse tradities versmolten zijn. Waar zien wij hiervan sporen in de Romeinenbrief?

 

 

15 december 2014  ‘Het missionaire netwerk van Paulus en zijn medewerkers; extra aandacht voor de vrouwen in de vroegchristelijke beweging. (Romeinen 16)

 

Prof. dr. Annette Merz, per 1 september 2014 benoemd tot hoogleraar Nieuwe Testament aan de
Protestantse Theologische Faculteit.

 

Het laatste hoofdstuk van de brief aan de Romeinen bevat bijna uitsluitend namen en groetopdrachten, vaak verbonden met een paar persoonlijke woorden van Paulus, die zijn relatie met de betreffende persoon omschrijven. Op het eerste gezicht mag de lijst saai lijken, maar Romeinen 16 blijkt bij nader inzien de tekst bij uitstek te zijn, waaruit we belangrijke en boeiende informatie over het netwerk van medewerkers rond de apostel Paulus kunnen ervaren. Ook over de sociale samenstelling van een paulinische gemeente valt veel te concluderen uit dit hoofdstuk. De drie meest belangrijke vrouwelijke medewerkers van Paulus komen in beeld: Febe, die zijn beschermster/patrones was in Kenchrea, zijn langjarige medewerkster Prisca, en Junia, die hij als beroemde apostel prijst.

 

 

19 januari 2015   ‘De gojim en Israël’

 

Prof. dr. Simon Schoon, emeritus predikant PKN en emeritus hoogleraar verhouding jodendom–christendom.

 

De hoofdstukken Romeinen 9 t/m 11 van Paulus worden vaak geciteerd als een soort blauwdruk voor de verhouding tussen de kerk en het Joodse volk. Maar wat staat er eigenlijk? Jazeker, dat de Joden ‘geliefden om der vaderen wil’ blijven. Maar Paulus noemt hen ook ‘ongehoorzaam’ aan het evangelie.

En hoopt dat zij door de Jezus-gelovigen ‘tot jaloersheid verwekt’ zullen worden. Kan dat nog de leidraad zijn voor onze verhouding tot het Joodse volk? Hoe lezen wij deze hoofdstukken? Wat is actueel voor ons en wat is tijdgebonden? Zie ook in de leeswijzer een schets in 9 punten over de scheiding der wegen tussen ‘de kerk’ en ‘het Joodse volk’ in de eerste eeuwen.

 

 

23 februari 2015   ‘Omgang met de heersende macht’

 

Dr. Dick Boer, oud-docent geschiedenis van de theologie in de 19e en 20e eeuw aan de Universiteit van Amsterdam; van 1984-1990 predikant van de Nederlandse Oecumenische Gemeente in de DDR.

 

Romeinen 13 (1-6) is in de kerkgeschiedenis bekend (volgens sommigen: berucht) geworden als de leer over de verhouding van de christen tot de staat: een onderdaan die had te gehoorzamen (aldus Luther). Hoe valt dat te rijmen met de ‘vrijheid van een christenmens’ (aldus dezelfde Luther)? Volgens Karl Barth en Kleijs Kroon is Romeinen 13: 1-6 uit zijn verband gerukt. Het gaat om de eigen praktijk van de Messiaanse gemeente: het kwaad door het goede te overwinnen (12: 21), aan niemand iets schuldig te zijn, behalve de solidariteit met elkaar (13: 8).

 

 

16 maart 2015  ‘Messiaanse gemeenschap’(Romeinenbrief 14 : 1 – 15 : 13)

 

Dr. Wout van der Spek, emeritus predikant van de Protestantse Kerk

 

Paulus: muggenzifter, dogmaticus, vrouwenhater, drammer, heeft het licht gezien, apostel van de vrijheid. Doorhalen wat niet verlangd wordt. Wat mij betreft zou doorgehaald moeten: dogmaticus en vrouwenhater. Dat zijn kwalificaties die m.i. berusten op een misverstand. De rest moet blijven staan. Ik heet u welkom bij de lezing over de Romeinenbrief, te beginnen bij hoofdstuk 14, want daar formuleert Paulus het doel van zijn brief.

 

 

23 maart 2015   Gezamenlijke slotavond

​© 2019-2020 | fries leerhuis | Olterterperkring