Cursus C

 

Joodse literatuur 

 

 

In deze cursus lezen en bespreken wij vijf auteurs die vanaf het begin van de vorige eeuw in hun werk de vraag naar de Joodse identiteit gesteld hebben.

 

 

13 januari 2020   Amos Oz en Fania Oz-Salzberger  ‘Joden en woorden’ 

Dit boek schreef de dit jaar overleden Amos Oz samen met zijn dochter Fania, die historica is. Voor hen wordt de Joodse identiteit vooral bepaald door de omgang met woorden. De woorden en het permanente debat daarover tussen de generaties vormen de continuïteit van de Joodse geschiedenis. Dit motief volgen zij vanaf de Bijbel tot heden.


Het is een deskundig en goed geschreven boek, met humor en veel aandacht voor de rol van vrouwen. Het bepaalt ook bij de vraag wat wezenlijk is voor Joodse literatuur

 

 

10 februari 2020   S.Y. Agnon  ‘Een simpel verhaal’

Agnon wordt algemeen beschouwd als een van de belangrijkste Hebreeuwse schrijvers. Hij leefde in Oekraïne, Duitsland en Israël. In 1966 ontving hij de Nobelprijs voor literatuur.

Verhalen van hem zijn in het Nederlands vertaald. In 2017 verscheen eindelijk de eerste vertaling van een van zijn romans: ‘Een simpel verhaal’ (1936).

 

‘Een simpel verhaal’: ‘Na de dood van haar ouders gaat Bloeme als dienstmeisje werken bij haar oom en tante, eigenaren van een goed lopende winkel, en hun zoon Hirsjl. Bloeme en Hirsjl worden verliefd op elkaar, maar zijn moeder heeft andere plannen met haar enige kind. Voor hij er erg in heeft staat Hirsjl onder de choepa met Mina, de dochter van een rijke boer. Hun huwelijk lijkt gedoemd te mislukken – of is dit verhaal toch niet zo simpel als het lijkt?’

9 maart 2020   Verhalen van Franz Kafka 

Veel verhalen van Kafka zijn als parabels, gelijkenissen. Dat leidt bij een eerste lezing vaak tot verschillende interpretaties. Die hebben hun eigen waarde. Maar er is ook altijd de vraag naar een oorspronkelijk bedoeling. Zo is er de vraag of en in hoeverre de verhalen om een religieuze uitleg vragen. Kafka geeft daar ook aanleiding toe. Bij een aantal verhalen kunnen we Joodse, joods- mystieke en zionistische ideeën vermoeden, of zelfs vaststellen. Zo lezen we onder meer de verhalen ‘De Chinese muur’ en ‘Jozephine de zangeres of het muizenvolk’.

 

De vraag of en hoe Kafka een Joodse auteur genoemd kan worden is weer veel beproken door het dit jaar verschijnen van het boek ’Kafka’s laatste proces. De strijd om een literaire nalatenschap’, door Benjamin Balint.

 

 

6 april 2020   Martin Buber  ‘Gog en Magog’ 

De Joodse filosoof en religieus denker Martin Buber is ook bekend vanwege zijn navertellingen van Chassidische verhalen. Dat zijn korte vertellingen, van vaak niet meer dan tien regels. Maar hij schreef ook een Chassidische roman, of zoals hij het zelf aanduidde: een kroniek. Het boek gaat over de historische strijd en controverse tussen twee Chassidische leiders die heel verschillend reageren op de komst van Napoleon. Die komst wordt verbonden met de mythische figuur Gog uit het land van Magog, zoals beschreven in het bijbelboek Ezechiël.

 

De roman stelt ook diepgaande religieuze vragen, die zich ook laten verbinden met de actualiteit van de Israëlische politiek.

Algemeen kader

 

De gekozen boeken en verhalen laten zich onderling verbinden. De auteurs waren soms bevriend (Agnon en Buber), hadden elkaar ontmoet (Kafka en Buber) en reageerden op elkaars werk (zo schreef Amos Oz een boek over Agnon ‘The Silence of Heaven’).

De gekozen literatuur wordt ook verbonden door het Chassidisme. Het werk van Agnon heeft vooral een Chassidische achtergrond en Kafka verwerkte Chassidische en Kabbalistische motieven. 

De auteurs hebben ook alle vier een ‘Nobelprijs voor de literatuur’- niveau. Agnon kreeg deze, Oz en Buber werden er voor voorgedragen en Kafka had die zeker verdiend als hij langer geleefd had en zijn werk had willen publiceren.

 

De boeken van Oz en Agnon zijn via de boekhandel te bestellen. De verhalen van Kafka en Gog en Magog zijn antiquarisch in ruime mate en voor relatief lage prijzen via het internet te bestellen.

 



Cursusleider: Dr. Hans Schravesande, was lid van de Protestantse Raad voor Kerk en Israël, is secretaris van de Stichting ter bevordering van het wetenschappelijk onderwijs in de Judaistiek en publiceerde onder meer over Martin Buber en Rabbijn Leo Baeck. 


Locatie: De Buorskip, Beetsterzwaag 

Data: maandag: 13 januari, 10 februari, 9 maart en 6 april 2020 

Tijd: Bij voldoende deelname kan gekozen worden tussen:

         C1 : 13.30 – 15.30 uur

         C2 : 16.00 – 18.00 uur

(Graag aanmelden voor 1 december 2019)

​© 2019-2020 | fries leerhuis | Olterterperkring